Toetsingsresultaten buitendijkse gebieden
In totaal zijn de regionale keringen van 22 buitendijkse gebieden getoetst. Drie gebieden zijn onlangs grootschalig herontwikkeld en moeten de begrenzing en de norm nog worden aangepast. In de overzichtskaart is een eindoordeel voor alle gebieden opgenomen en een detailkaart per gebied.
- Voor het grootste gedeelte van de regionale buitendijkse keringen geldt dat het eindoordeel ‘voldoende' is. Voor 10 gebieden geldt dat voor alle secties minimaal een ‘voldoende' oordeel wordt behaald.
- Voor zeven gebieden geldt dat er één of meerdere secties zijn die ‘geen oordeel' scoren. Vier van de bewoonde gebieden horen hierbij (Urk, Schokkerhaven, Almere Haven en Haven Zeewolde). Voor deze gebieden geldt dat er onvoldoende gegevens bekend zijn van met name damwanden. Specifiek aanvullend onderzoek is nodig. De verwachting is dat dit aanvullend onderzoek niet leidt tot een grote verbeteropgave. Voor de overige drie gebieden geldt dat de havendammen zijn meegerekend en dat deze nog getoetst moeten worden.
- Voor drie gebieden geldt dat er één of meerdere secties zijn die ‘onvoldoende' scoren, omdat de bekleding niet voldoet. Er moeten onderhoudsmaatregelen worden uitgevoerd om de gebieden te laten voldoen. Dit gaat om maatregelen zoals het aanvullen van stortsteen, verbeteren van de bekleding en het vervangen van een paar secties damwand.
- Vier gebieden scoren ‘onvoldoende' op het toetsspoor hoogte. Voor al deze gebieden geldt dat één of meer secties te laag zijn, ook wanneer er rekening wordt gehouden met aanwezige havendammen. Deze gebieden zijn: Pier Lelystad haven en Spijkstrand (beide helemaal te laag), Erkemederstrand en Bremerbergse Hoek (1 sectie te laag). In de verdere uitwerking wordt in overleg met provincie en betrokkenen gezocht naar verantwoorde maatschappelijke oplossingen.
Om de 'geen oordeel' resultaten om te zetten naar een ‘voldoende' of ‘onvoldoende' wordt in 2012 de ontbrekende informatie boven water gehaald. Het gaat hierbij vaak om het ontbreken van technische gegevens van damwanden en het ontbreken van funderingsgegevens van bebouwing nabij of op de regionale waterkering.
Voor de ‘onvoldoende' beoordeelde gebieden wordt een onderzoek gestart hoe deze gebieden aangepast kunnen worden om alsnog een ‘voldoende' als resultaat uit de toetsing te krijgen.
Voor de gebieden met een ‘voldoende' score kan gestart worden met het opstellen van afspraken in het kader van beheer en onderhoud.
In 2012 wordt op basis van bovenstaande resultaten een uitwerkingsplan gemaakt om te zorgen dat de regionale waterkeringen in 2015 voldoen aan de geldende veiligheidsnormen.
Dit zal bestaan uit:
- aanvullend onderzoek om voor een aantal gebieden die nu ‘geen oordeel' scoren tot een eindoordeel te komen;
- het inplannen van onderhoudsmaatregelen voor waterkeringen die nu nog niet voldoen;
- afstemming met provincie en betrokkenen over de gebieden die ‘onvoldoende' scoren;
- in het kader van beheer en onderhoud en bereikbaarheid wordt gekeken of er aanvullende verbeteringen/aanpassingen nodig zijn.
-