Home Zuiderzeeland.nl
Ga direct naar het hoofdmenu of de inhoud.
Homepage > Schoon water > Meetgegevens > Toelichting op de analyses

Toelichting op de analyses

Chloride (Cl) Het chloridegehalte, ook wel zoutgehalte genoemd, is in het oppervlaktewater van Flevoland van nature veel hoger dan de wettelijke norm van 200 mg/l. Het hoge chloridegehalte wordt veroorzaakt doordat het grondwater in Flevoland veel chloride bevat (oude Zuiderzeebodem). Lokaal zijn er echter grote verschillen. Daarnaast is de chlorideconcentraties seizoensafhankelijk, met de hoogste waarden in de zomer. In Flevoland zijn de meeste wateren licht-brak: met een gemiddeld chloridegehalte van 333 mg/l. Boven de 1000 mg/l is het water brak, onder 300 mg/l zoet. Goed oppervlaktewater is zoet, omdat dit rijker is aan soorten dan brak water. Brak water is ongeschikt voor de bereiding van drinkwater, voor veedrenking en voor de beregening van gewassen.

IJzer (Fe)

Grote delen van Flevoland staan onder invloed van ijzerrijke kwel. Teveel ijzer in oppervlaktewater leidt tot een troebele, roestbruine kleur en een verminderd doorzicht. Bovendien kan de oxidatie van opgelost ijzer tot een zuurstoftekort leiden. Voor ijzer is geen wettelijke norm beschikbaar, maar uit onderzoek is gebleken dat een gehalte van 2,5 mg/l of hoger een slechte waterkwaliteit oplevert. Boven 3,0 mg/l is het water bijvoorbeeld ongeschikt voor beregening in de fruitteelt. Gemiddeld bedraagt het ijzergehalte in Flevolandse wateren 4,3 mg/l. Concentraties tot 15 mg/l komen ook in Flevoland voor.

Zuurgraad (pH)

Een normale zuurgraad varieert van 6,5 tot 9. Door lozingen of algenbloei kan een verhoogde of verlaagde zuurgraad ontstaan.

Zuurstof (O2)

Het zuurstofgehalte in oppervlaktewater dient minimaal 5 mg/l te zijn. Beneden deze waarde dreigt verstikking van het waterleven en in het bijzonder vissterfte (beneden 3 mg/l). Soms wordt het zuurstofgehalte ook uitgedrukt in %. Bij 100% is het water volledig verzadigd met zuurstof (ca. 10 mg/l) en bij ca. 50% voldoet het water net aan de norm. De zuurstofverzadiging is afhankelijk van de temperatuur: koud water kan meer zuurstof bevatten dan warm water. Oververzadiging is mogelijk als waterplanten of algen aanwezig zijn. Over het algemeen is het zuurstofgehalte in Flevoland goed.

Temperatuur (T)

De temperatuur van oppervlaktewater mag niet hoger zijn dan 25° C. Boven deze temperatuur kan water niet genoeg zuurstof bevatten, waardoor vissterfte kan optreden. Te warm water kan vooral optreden in ondiep oppervlaktewater of bij onvoldoende doorstroming.

Elektrisch geleidend vermogen (EGV)

Het elektrisch geleidend vermogen (EGV) is een maat voor de verzilting van het water (zie ook chloride). Voor het EGV bestaat geen norm. Gebruikelijke waarden die in Flevoland worden gevonden variëren van 10 mS/m tot wel 1000 mS/m. Kwalitatief zeer goed water heeft een lage EGV (weinig zouten), zout water heeft een hoge EGV. Dat zoute water in Flevoland wordt meestal veroorzaakt door slechte kwel. (omrekeningen: 100 mS/m = 1 mS/cm = 1000 uS/cm = 10 uS/m)

Paginafuncties

Home Zuiderzeeland.nl
Naar boven