Ga naar de inhoud

Themacontroles gewasbeschermingsmiddelen en mest

Agrarische toezichthouders van het waterschap surveilleren meerdere dagen per jaar en voeren themacontroles uit. Deze controles richten zich op het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en mest. Daarom kunt u ons onaangekondigd tegenkomen op uw landbouwkavel. We controleren dan of u voldoet aan de milieuregels. In dit artikel leest u over verschillende themacontroles.

Spuiten van gewasbeschermingsmiddelen

In Flevoland worden veel gewasbeschermingsmiddelen met spuitmachines toegepast om gewassen te beschermen tegen ziekten en plagen. Hierdoor zijn er ook risico’s op emissies naar het oppervlaktewater door onder andere spuitdrift. Daarom doen wij elk jaar surveillance op meerdere dagen en voeren wij spuitcontroles uit . Ook de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) controleert hierop.

Bij een spuitcontrole letten we op de volgende punten:

Wij zien dat bij spuitcontroles de milieuregels over het algemeen goed worden nageleefd. Toch is een fout snel gemaakt.

Ons advies: Lees voor gebruik altijd het Wettelijk Gebruiksvoorschrift (etiket) van het gewasbeschermingsmiddel.

Uitrijden van drijfmest en opslag van vaste mest

Om de doelen van de Kaderrichtlijn Water (KRW) voor met name stikstof te halen, is het nodig dat agrariërs emissies van meststoffen naar het oppervlaktewater verder verminderen. Daarom voeren wij themacontroles uit tijdens het uitrijden van drijfmest en bij vaste mestopslagen op het land.

Bufferstrook

Bij het uitrijden van drijfmest moet u langs het oppervlaktewater een (teeltvrije) mestvrije zone en mestvrije bufferstrook aanhouden. De mestvrije zone is onderdeel van de bufferstrook. De verplichte breedte van de bufferstrook is afhankelijk van het type waterloop:

Bij tochten en vaarten geldt een bredere bufferstrook. Dit komt omdat dit aangewezen KRW-waterlopen zijn. U moet de bufferstrook vanaf de boveninsteek van de waterloop meten.

Bij het uitrijden van drijfmest geen 3 meter brede mestvrije bufferstrook langs de kavelsloot aangehouden.

Mestopslag

Bij de opslag van vaste mest controleert het waterschap of er geen percolaatwater vrijkomt en afstroomt naar het oppervlaktewater. Om afspoeling te voorkomen, moet u maatregelen nemen. Bij tijdelijke opslag (maximaal zes maanden) moet de mesthoop op een verharde ondergrond liggen. Is er geen verharding aanwezig? Dan moet de mesthoop op een voldoende dikke absorberende laag liggen. Ook moet u voorkomen dat er regenwater in de mesthoop komt, bijvoorbeeld door het af te dekken met landbouwplastic.


Ontvang het agrarisch nieuws in uw inbox

Altijd als eerste op de hoogte? Meld u aan en ontvang ons agrarisch nieuws automatisch in uw mailbox!