De werking van een afvalwaterzuivering in en notendop
Het afvalwater komt via grote leidingen de afvalwaterzuivering binnen. Dit zijn miljoenen liters per dag. Eerst halen we met roosters en zeven de grove delen uit het afvalwater. Daarna mengen we het afvalwater met heel veel bacteriën. Dit zijn bacteriënvlokken en noemen we slib. Door het mengen en zuurstof toe te voegen, zorgen we voor goede omstandigheden. Bacteriën kunnen dan veel stoffen uit het afvalwater opnemen. Ze gebruiken de stoffen om te groeien en zich te vermenigvuldigen. Aan het einde van de zuivering scheiden we de bacteriënvlokken (het slib) van het gezuiverde water.
Bij een stroomuitval werkt de afvalwaterzuivering minder goed
Als het afvalwater van huishoudens en bedrijven bij de zuivering aankomt, dan stroomt het automatisch door de zuivering. Hier is geen energie voor nodig. Alleen de zuiveringsstappen werken minder goed. Met name de beluchting werkt niet. Deze beluchting hebben bacteriën nodig om de vuildeeltjes uit het afvalwater te halen. Hierdoor stroomt een deel van de afvalstoffen uit afvalwater in het oppervlaktewater (de vaarten). De waterkwaliteit in de vaarten, tochten en sloten gaat daardoor achteruit en water kan vies ruiken. We zijn bezig om te onderzoeken wat nodig is om de zuivering in dat geval beter te laten functioneren.
Wat kunt u doen?
- Voorkom dat jij of je (huis)dier ziek wordt door vuil water.
- Voorkom dat (huis)dieren water uit de sloot drinken.
- Probeer contact met water in sloten, tochten en vaarten zoveel mogelijk te vermijden.
- Laat je (huis)dier niet in sloten, vaarten en tochten zwemmen.
- Een volle regenton kan van pas komen tijdens een noodsituatie.
- Huisdieren die buiten komen, kunnen regenwater drinken. Drink het water niet zelf. Daar is het niet schoon genoeg voor.
Kijk voor meer informatie en voor de meest gestelde antwoorden op:

