Schouw

Twee keer per jaar controleert het waterschap of de watergangen in Flevoland gemaaid en schoon zijn, dit noemen we de schouw. In de drogere gebieden van de Noordoostpolder, waar het waterschap water ook aanvoert (de zogenaamde wateraanvoergebieden), wordt zelfs drie keer per jaar geschouwd.

SchouwenWateraanvoer-, zomer- en najaarsschouw

Op de schouwdatum wordt de onderhoudstoestand van kavel- en wegsloten gecontroleerd. Dit is van belang voor een goed werkend watersysteem in Flevoland. Er zijn drie soorten schouwen, namelijk de schouw wateraanvoergebieden, de zomerschouw en de najaarschouw.

Bij de wateraanvoerschouw (in de Noordoostpolder) gaat het om alle sloten die een functie hebben in de wateraanvoer in de wateraanvoergebieden. Sloten waarvoor een ontheffing van de onderhoudsplicht is verleend, worden niet geschouwd. Lees meer over wateraanvoer.

Bij de zomerschouw worden drie soorten sloten gecontroleerd. Namelijk:

  • alle erf-, kavel-, en wegsloten waardoor water heen gevoerd wordt van drie of meer aangelanden (agrariërs);
  • kavelsloten voor de afvoer van kwelwater van dijken;
  • de wegsloten die de functie hebben van kavelsloot en waarop drainage uitkomt.

Dit betekent overigens niet dat slooteigenaren (onderhoudsplichtigen) in de zomer geen onderhoud aan de andere watergangen hoeven uitvoeren; onderhoudsplichtigen zijn vrij in het kiezen van het tijdstip waarop onderhoud uitgevoerd wordt.

Bij de najaarschouw controleert het waterschap of alle watergangen, duikers en dammen in het beheersgebied van Waterschap Zuiderzeeland, in goede staat van onderhoud zijn.

Data van de schouw

In de wateraanvoergebieden in de Noordoostpolder (regio Noord) is de schouw op 15 juni, 15 augustus en 15 november of op de eerste werkdag na deze data. In heel Flevoland vindt de zomerschouw plaats op 1 juli en de najaarschouw op 15 november, of op de eerste werkdag(en) na deze data.

Bekijk de actuele schouwkaart.

Wat en waarom?

Tijdens de schouw controleert het waterschap of het water in de vaarten, tochten, kavelsloten en wegsloten goed kan doorstromen. Rommel in de sloot, dichtbegroeide oevers of duikers die niet schoon zijn, kunnen ervoor zorgen dat de noodzakelijke aan- en/of afvoer van water wordt belemmerd.

De laatste jaren zijn wateroverlastproblemen als gevolg van extreme neerslag in Nederland en ook in Flevoland toegenomen. Het is daarom van belang dat het onderhoud van watergangen op tijd uitgevoerd wordt.

Wat houdt de onderhoudsplicht in?

Voor een goede waterbeheersing moeten alle watergangen (sloten, vaarten en tochten) in het gebied goed onderhouden zijn gedurende het gehele jaar. Medewerkers van het waterschap houden daarop het gehele jaar toezicht. Tijdens de schouw wordt dit onderhoud extra gecontroleerd. De eigenaren (aangelanden) van de aangrenzende gronden hebben een onderhoudsplicht voor de halve breedte van de genoemde sloten, tochten of vaarten. Dit betekent dat:

  • de begroeiing op taluds, bodems en dammen is gemaaid;
  • het maaisel helemaal uit de watergangen is verwijderd of dat het maaisel fijn over de taluds is verdeeld;
  • de aan- en afvoersloten, die tussen en langs erven liggen, op de juiste diepte (profiel) zijn gebracht;
  • de aan- en afvoersloten zijn gezuiverd van alle stenen, afval of andere voorwerpen;
  • afschuivingen van taluds en grondophopingen niet voor mogen komen;
  • pomponderdelen, aanzuigleidingen en dergelijke uit het water en van het talud zijn verwijderd;
  • duikers en dammen een goede doorstroming moeten hebben;
  • sloten met een diepte < 0,8 meter ten opzichte van het maaiveld en watergangen waarvoor een ontheffing van onderhoudsplicht is verleend, niet worden geschouwd.

Verder is het niet toegestaan dat:

  • de begroeiing op taluds chemisch bestreden is; zwarte taluds mogen niet voorkomen tenzij er sprake is van herprofilering van sloten.

In het algemeen geldt dat:

  • gemaakte afspraken met buren, loonbedrijven of andere instanties over de uitvoering van de onderhoudswerkzaamheden niets afdoen aan de onderhoudsplicht van de eigenaar;
  • de eigenaar altijd verantwoordelijk blijft voor de staat van onderhoud van de aangrenzende watergang(en);
  • slechte weersomstandigheden geen reden voor uitstel zijn.

Voorbeeld voldoet

Oeverbeheer schouw voldoet

Voorbeeld voldoet niet

Oeverbeheer schouw voldoet niet

Wet Natuurbescherming

Het maaien t.b.v. de zomerschouw valt in een periode dat nesten van vogels of andere beschermde soorten (b.v. rugstreeppad) verstoord kunnen worden. Nesten van vogels en andere beschermde soorten zijn beschermd vanuit Wet Natuurbescherming. Ook onderhoudsplichtigen moeten zich aan deze wet houden. Daarom hanteert het waterschap de volgende regel:

  • Waterschap Zuiderzeeland geeft géén negatieve beoordeling bij de zomerschouw wanneer twee weken voor de schouwdatum gemeld wordt dat beperkte delen van de schouwsloot niet gemaaid zijn vanwege de aanwezigheid van beschermde nesten en/of andere beschermde soorten. Wanneer er bijvoorbeeld een vogelnest wordt aangetroffen, dient vijf meter ervoor en vijf meter erna niet gemaaid te worden.

Nalatigheid

Het waterschap adviseert de onderhoudsplichtige om op tijd met de werkzaamheden te beginnen, zodat op de schouwdatum de watergang(en) in de vereiste onderhoudstoestand is (zijn) gebracht. Is dit niet het geval, dan ontvangt de eigenaar een brief van het waterschap, waarin is aangegeven dat het gevraagde onderhoud alsnog moet worden uitgevoerd vóór de herschouw. Deze herschouw vindt 14 dagen na de schouwdatum plaats. Is het bij de herschouw nog niet in orde, dan ontvangt de eigenaar een tweede brief van het waterschap, waarin is aangegeven dat het waterschap na 3 keer 24 uur de onderhoudswerkzaamheden laat uitvoeren (= toepassen bestuursdwang). De kosten hiervan brengt het waterschap bij de onderhoudsplichtige in rekening. Het waterschap behoudt zich het recht voor om ook een schouwboete op te leggen, indien dit nodig blijkt. Om te bepalen of dit wel of niet gebeurt, maakt de buitengewoon opsporingsambtenaar gebruik van de Landelijke Handhavingstrategie. Alleen in uitzonderlijke situaties zal het waterschap een schouwboete opleggen. Bijvoorbeeld bij herhaald en calculerend overtreden.

Achtergrond

De waterbeheerders, zoals het waterschap, zijn op basis van de Waterwet verplicht te voldoen aan een aantal belangrijke watereisen. Zo geeft deze wet de normen voor de waterkwaliteit aan, maar ook voor de bergings- of afvoercapaciteit van regionale watersystemen. In de Verordening Waterhuishouding Flevoland (vastgesteld door provincie Flevoland) wordt dat beheer toegespitst op het waterhuishoudkundige systeem van Flevoland. In de Keur van Waterschap Zuiderzeeland staat beschreven wat wel en niet is toegestaan in de watergangen in Flevoland en wordt óók de schouw apart aangegeven. Bekijk de regelgeving van Waterschap Zuiderzeeland via de Regelingenzoeker.

Om te controleren of de sloten en hoofdwatergangen, inclusief de kunstwerken (hevels, stuwen, inlaat en gemalen), voldoen aan de gestelde normen, controleren de medewerkers van Waterschap Zuiderzeeland deze sloten een aantal keren per jaar. Daarnaast is het bestuur van Waterschap Zuiderzeeland op grond van de Keur verplicht om de schouw uit te voeren.